De 36+ maandensprong: groot worden is soms eng

Ze is 3,5 jaar oud, en is boos, HEEL boos. Ik heb zojuist namelijk aangeboden om haar te helpen met tanden poetsen. Ja leest het goed: haar te helpen. What was I thinking? Maar als ik het haar zelf laat doen, komen de tranen en de frustratie . ‘Ik ben nog te klein, mama!’

De ‘Ik ben groot maar tegelijkertijd ook heel klein-fase’ 

Uiteindelijk wil ik het van haar overnemen, wat resulteert in een nog groter drama. Wat zeg ik: in gegil. Hard huilen. Stampvoeten van woede. Als ik mijn handen ten hemel hef en haar wil laten uitrazen, komt ze schreeuwend op me af. Dat was niet de bedoeling: ik moet bij haar blijven. Maar vervolgens duwt ze me weg. Meisje, wat is er toch aan de hand? Dan denk ik: ‘Wacht even: dit lijkt verdacht veel op zo’n sprong, maar ze is al ruim 3 jaar! Dat kan toch helemaal niet?’

Alle kenmerken zijn er: ze is moe,opstandig, eet bij vlagen als een bouwvakker, en gaat van vrolijk naar verdrietig naar boos in 3 seconden. En alle grote ontwikkelingen die ze zo duidelijk doormaakte, zijn weer even on hold gezet.

Was ze zo goed als zindelijk, ineens is het naar de wc gaan een drama. Moet ze toch weer even een luier om, want ze is nog een baby, vertelt ze me vol overtuiging. Inslapen kost haar vaak meer moeite en elke avond gaan we wel 10 keer op en neer naar boven omdat ze niet wil slapen en allerlei redenen verzint waarom ze dat niet wil. Ik hou niet zo van hokjes, maar doop deze fase gewoon ‘de 36-maanden sprong.’

Ik ben drie en ik doe het lekker nie

Ze lijkt ook af en toe niet te weten wat ze met zichzelf aanmoet. Wilde ze een paar maanden geleden graag naar school, inmiddels geeft ze aan niet meer te willen. Ze wil bij mama blijven en heeft meer behoefte aan lichaamscontact. Ze volgt me door het hele huis, tot aan de wc aan toe. Als ik zeg dat ze voor bepaalde zaken groot genoeg is, wordt ze soms verdrietig of boos: dat is niet waar. Ze is nog hartstikke klein! Maar als ik zeg dat ze voor sommige dingen nog te klein is, springt ze helemaal uit haar vel en beent ze met haar armen over elkaar en een grote pruillip van me weg. Want ze is toevallig al bijna 4 en heel erg groot.

Het woord ‘Nee’ is weer helemaal terug van weggeweest. Nee, ik ga niet eten. Nee, ik ga mijn speelgoed niet opruimen. Nee, je mag mijn haren niet kammen en nee, ik ga niet slapen, ook al is het al half 11 ’s avonds. We hebben al van alles geprobeerd: uitleggen, vragen wat er aan de hand is, haar uit laten razen, haar meer tijd gunnen, haar juist wat bewuster te maken van de klok en een dagschema…maar van tijd tot tijd blijft het hier moeizaam gaan, dat communiceren met onze peuter.

Elkaar loslaten is eng

Ik weet het: het is een fase, het is een fase, het is een fase. Maar soms heb ik na driftbui nummer 20 die uit het niets lijkt te ontstaan helemaal genoeg van pedagogisch verantwoord met je kind communiceren. Dan word ik boos, wat ik eigenlijk helemaal niet wil. Verhef ik mijn stem, dreig ik met sancties die te kort door de bocht zijn in plaats van dat ik luister naar wat de onderlinge boodschap is. Daarna voel ik me rot, en zij ook. Laten we zeggen dat ze het temperament en het ongeduld niet van een vreemde heeft geërfd en daardoor weet ik hoe zij zich voelt en andersom.

Dit jaar is een overgangsjaar voor haar en mij.  Het jaar waarin we elkaar wat meer los moeten gaan laten. Het jaar waarin ze nog meer gaat leren, hopelijk veel vriendjes gaat maken en haar vleugels langzaam uit gaat slaan. Tot nu toe dacht ik dat ik de enige was die hier moeite mee had, maar ik realiseer me dat zij het ook spannend vindt. En dat uit ze misschien wel op deze manier.

Ook dingen leren kost energie, en wat leert ze elke dag veel! Liedjes, tellen, het alfabet. Netjes eten met mes en vork. Soms betrap ik haar erop dat ze al heel graag wil leren lezen. Op peuterdansen leren ze een pirouette. Ik zie haar vanuit mijn ooghoek koortsachtig proberen om haar evenwicht te bewaren terwijl ze draait en 1 been omhoog tilt. Allemaal nieuwe dingen waar vorig jaar geen sprake van was. Zo gek is het eigenlijk niet dat ze soms moe en humeurig is.

Iedereen heeft soms een vangnet nodig 

Ik betrap mezelf erop dat ik soms vergeet dat ze nog zo jong is. Doordat ze zo’n uitgebreide woordenschat heeft en zo wijs en zelfstandig kan zijn vergeet ik dat ze pas 3 jaar is. Ik ben vergeten dat zelfs ik, op mijn 36ste, wel eens klein zou willen zijn. Vertroeteld en geknuffeld wil worden. Kennelijk associeert zij dat met klein zijn. Zou ze denken dat dit straks niet meer kan? Voor mijn part kruipt ze nog bij me op schoot als ze 18 is.

Kennelijk heeft ze af en toe nog een vangnet nodig, net als volwassenen dat soms nodig hebben. En daar is helemaal niks mis mee, dat is word gezond. We moeten hier gewoon even samen doorheen, het is inderdaad maar een fase. En sinds wij dat laatste hier echt hebben geaccepteerd lijken de scherpste randjes er alweer af te zijn en zien we de kleine clown steeds vaker terug komen.

Heb jij nog tips om deze fase tussen 3 en 4 jaar door te komen? Ik lees het graag!

Filed under Dochterlief groeit op
Author

Romy (1980) schrijft alles op in 1 van haar 1000 notitieboekjes in de hoop zo ooit een boek te creëren. Ze is gek op series kijken, boeken lezen, hard meezingen met de radio (wel als ze alleen is) en lekker eten. Verder is ze gelukkig getrouwd en heeft ze een dochter van 4 jaar, haar inspiratiebron voor deze blog.

3 Comments

  1. Wauw, kippenvel, zooooo herkenbaar over mijn ventje van oktober 2013. Ik weet het af en toe ook echt niet meer. En ik heb ook nog een baby van okt 2016 waardoor ik mijn geduld en tijd moet delen

  2. Lastige fase, zitten echt tussen peuter en kleuter in. Hier volgde ik m’n dochter gewoon in wat ze wou (er waren natuurlijk grenzen) en veel spelletjes spelen!

Geef een reactie