Gelukkig

Ik hapte vanochtend in een perfect croissantje. Hij was een beetje krokant van buiten en zacht van binnen, en prachtig goudgeel van kleur.

Op onze ontbijttafel stond een kleine koraalroze bloem in een vaasje. Buiten miezerde het een beetje, en was het bewolkt. Gebiologeerd bleef ik kijken naar die bloem, terwijl ik op mijn croissantje kauwde. Die stond daar gewoon maar een beetje mooi te zijn in een vaasje. De frisse roze kleur was een mooi contrast met de grijstinten achter het raam.

Terwijl er een 2e cappuccino voor me op tafel werd gezet, dacht ik aan de avond ervoor. Aan hoe ik met mijn man de slappe lach had gekregen in een restaurant terwijl de andere stelletjes ogenschijnlijk zwijgend voor zich uit hadden zitten kijken. Ik kon me de laatste keer dat ik de slappe lach had gekregen helemaal niet meer herinneren.

Er waren zoveel dingen waarvan ik niet meer wist wanneer ik ze voor het laatst had gedaan. Zoals het maken van een schilderij, of het meezingen met de radio. Of het bereiden en eten van een maaltijd zonder haast, het uitlezen van een boek, langzaam rimpelig worden in een schuimbad.

Ik dacht aan hoe ik bijna nooit verse bloemen in huis haal, terwijl ik er zo blij van kan worden. Aan hoe ik uren naar schilderijen kan kijken maar bijna nooit naar musea ga. Aan hoe erg ik van muziek hou maar bijna nooit naar een concert ga. De geur van verf op een palet, het verkleuren van het water in het glas en hoe zen ik daar van word.

‘Wáárom?’ dacht ik lichtelijk melancholisch, ‘Waarom kan ik eigenlijk niet zo zijn als die koraalroze bloem in dat vaasje?’ Het was geen opvallende bloem, geen luxe rode roos met fluweelachtige blaadjes, maar toch merkte ik hem op. Veel was er niet voor nodig geweest. Die bloem was namelijk gewoon wat het moest zijn: een mooie, subtiele bloem.

Ik dacht aan hoe ik, en met mij vele anderen, het mezelf soms zo moeilijk kan maken. Aan hoe snel ik mezelf wegcijfer voor een ander, iedereen het liefst te vriend wil houden. Hoe vaak ik bij nieuwe, spontane ideeën en ingevingen denk: ‘Laat maar. Ik doe het wel zoals ik altijd al gedaan heb.’

Aan hoe ik mezelf soms simpele dingen ontzeg omdat ik denk dat ik het niet kan of nodig heb. Terwijl die simpele dingen juist de dingen zijn die mij uniek en gelukkig maken.

De afgelopen dagen zat het geluk in een glimlach van mijn kind, het perfecte croissantje bij het ontbijt, het hebben van de slappe lach met mijn man, en een attent gebaar van een winkelbediende. Het was te zien in goudgroene ogen, verbonden aan een oude pop en het gaf licht in de vorm van een kaars in een eeuwenoude kerk.

De afgelopen dagen was ik ongecompliceerd en vanzelfsprekend gelukkig. Vanaf vandaag koop ik elke week een bloem en zet ik ‘m in een vaasje op mijn bureau.

Filed under Dochterlief schrijft
Author

Romy (1980) schrijft alles op in 1 van haar 1000 notitieboekjes in de hoop zo ooit een boek te creëren. Ze is gek op series kijken, boeken lezen, hard meezingen met de radio (wel als ze alleen is) en lekker eten.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.