Ik moet nog even kijken of ik kan – dé tip voor mijn introverte medemens

Geschaterd heb ik om dit boek. Ik heb er ook uit voorgelezen aan mijn man, waarna ik vervolgens weer om de door mij voorgelezen zin moest lachen. ‘Ik moet nog even kijken of ik kan’ is echt een feest van herkenning!

Door mijn professionele achtergrond heb ik er regelmatig mee te maken gehad: de befaamde persoonlijkheidstesten. Meyers-Briggs, DISC, Jung, you name it en ik heb ze gedaan. En altijd kwam er 1 ding met zekerheid uit: mijn zogenaamde introverte persoonlijkheid. Prima. Ik werd ‘een introvert met extraverte trekken’ genoemd en herkende mezelf in de omschrijvingen en de bijbehorende kwaliteiten. De verbeterpunten deden ook wel een belletje rinkelen. Tegelijkertijd had en heb ik een hekel aan mensen in hokjes plaatsen. Je bent als mens toch meer dan de uitslag van een test? Ik ben introvert, so what?

Ongrijpbaar en irritant

Als ik tegenwoordig mijn dochter ‘s ochtends wegbreng en door de deuren van de school loop, komt het geluid als een vloedgolf over me heen: tientallen enthousiaste kleuters en gillende peuters rennen door de gangen. De ouders sjokken, lopen of rennen erachteraan. Sommige kinderen zie ik tussen de ingang en de klas al instorten: te veel prikkels. Andere kinderen (lees: mijn kind) leven helemaal op van het vertier en voelen zich als een vis in het water.

Ik zat zelf op een kleinere basisschool. De klassen waren klein en overzichtelijk en toch had ik als kind het gevoel dat ik niet altijd gezien werd, en mijn meer aanwezige klasgenootjes wel. Als ik wél gezien werd, was het in negatieve zin. Ik was volgens leraren te stil, te verlegen en zeker niet weerbaar. Thuis kroop ik steevast in een boek, schreef ik verhaaltjes . Als volwassene doe ik dat nog steeds. Volgens mijn vader had ik mezelf rond mijn 3e al leren lezen.

Als kind hield ik van mijn vermogen om eindeloos te observeren, te dromen en te fantaseren. Deze eigenschappen leverden mij inspiratie op voor mijn zelfverzonnen verhaaltjes. Leraren vonden dat ongrijpbaar en soms zelfs irritant. Terwijl ik zelf al heel jong wist: ik ben wie ik ben, en dat hebben mensen maar te accepteren.

Ik omarmde mijn persoonlijkheid, maar toch werd er wel op de achtergrond gepusht om meer te praten, (Waarom? Ik zei precies genoeg, dat zouden meer mensen moeten doen) vaker op de voorgrond te treden (Dat deed ik ook, maar kennelijk zo onopvallend dat mensen het niet zagen) en op teamsporten te gaan (ik ging al dood van de zenuwen als ik aan slag was bij dat afgrijselijke verplichte honkbal tijdens gym. Strak plan, wel!).

‘Wat ben je stil? Vind je het wel leuk?’

Als tiener – toch al niet de meest lichtvoetige periode van mijn leven- werd ik wel eens spontaan aangesproken op straat, vaak door mijn mannelijke medemens. ‘Vind je het wel leuk vandaag, meisje? Lach eens, dat zou je vast beter staan!’ Ik was net aan het bedenken hoe ik mijn opstel voor Engels zou kunnen beginnen en een oplossing voor wereldvrede aan het bedenken, maar toch bedankt voor dit onnodige commentaar, meneer.

Toch was het wel een eyeopener toen ik naar aanleiding van een spontane vraag aan de praat raakte met een groep meiden op school die ik eerder juist intimiderend vond. Ze flapten eruit: ‘Goh, je bent eigenlijk heel spontaan en leuk. We dachten dat je heel arrogant was, want je zei nooit iets tegen ons.’ Een goed voorbeeld van dat dingen nooit zijn zoals ze misschien wel lijken. Zij waren dan wel meer extravert dan ik, maar dat betekende dus niet dat zij niet ook hun onzekerheden hadden. Daarnaast moest mijn introverte karakter niet een excuus zijn om alle contact maar te vermijden.

Toen een docent op de Hogeschool me ooit gekscherend liet weten dat ik een pokercarrière kon overwegen vanwege mijn natuurlijke pokerface ben ik toch maar wat harder gaan werken aan mijn gesprekstechnieken en sociale interactie. Want het is natuurlijk niet zo dat je als introvert een ander beeld van jezelf moet afgeven dan dat de bedoeling is en nieuwe contacten geen kans moet geven je te leren kennen.

Daarna kwam mijn werkende leven, een leven waarin de telefoon om de 5 minuten rinkelde, de flexplekken en de kantoortuinen in het leven werden geroepen, er om het kwartier vergaderd moest worden en de weekendplannen luid en duidelijk besproken moesten worden tijdens de verplichte gezamenlijke lunchwandeling. Regelmatig was ik mentaal gesloopt na een werkdag, en ik wist maar niet waarom. Totdat ik een baan kreeg waar ik vanuit huis kon werken. De dip bleef uit, het kwartje viel.

We leven in een extraverte maatschappij waarin we 24/7 moeten delen wat we aan het doen zijn, en ik heb daar niet altijd zin in of behoefte aan. Daar ben ik echt niet de enige in, gezien de populariteit van dit soort boeken. Ik geloof daarom ook dat er een kentering op komst is. Het is tijd voor meer inzicht en begrip voor elkaar, en dat is hard nodig! Introverte en extraverte mensen hebben elkaar nodig en zouden meer van elkaar kunnen leren, zodat we kunnen samenwerken in plaats van elkaar tegenwerken.

Het boek ‘Ik moet even kijken of ik kan’

Wat ik heel erg goed vind aan ‘Ik moet nog even kijken of ik kan’, is de humor waarmee het geschreven is. Een beetje zelfspot kan echt geen kwaad! Liesbeth geeft bovendien ook andere introverte mensen het woord, en wat ze te zeggen hebben is zo waardevol om te delen. In overzichtelijke hoofdstukken schetst ze situaties van het introverte kind tot aan de introverte werknemer en de introvert op liefdespad, en geeft ook aan wat we moeten weten van de eigenschappen van extraverte mensen.

O, en je kan er net als ik door het lezen van dit leuke boek achter komen dat je eigenlijk een ‘ambivert’ bent. Niet introvert, niet extravert, maar iets er tussen in.

Ik kan ‘Ik moet even kijken of ik kan’ aan iedereen aanraden: voornamelijk aan leidinggevenden van grote teams en ouders en leerkrachten van ‘stille’ kinderen. Stille wateren hebben diepe gronden, namelijk. Soms kletsen ze zelfs al jaren met bescheiden succes op hun openbare blog op internet. Ik bedoel maar. 😉

Koop bij bol.com

4 Comments

  1. Hoi Romy, heb je je wel eens verdiept in hsp?
    Groetjes, Ria

    • Hoi Ria! Zeker. Dacht eerst dat HSP een modeding was (iedereen leek een tijdje terug opeens iets te ‘mankeren’, als je begrijpt wat ik bedoel’) maar ik herken daar ook zeker dingen in. En vind dat ook een kracht. 🙂

  2. Klinkt allemaal interessant wat je schrijft. Ik ben zelf denk ik ook introvert, maar soms mis ik wat extraverten om me heen, wat prikkels (maar ik werk ook thuis en zit niet veel op social media) ;-)) Bij Anna (die ook introvert is), zeg ik altijd: ga maar wat meer vooraan staan, je moet meer vragen en zeggen wat je wilt en gisteren besprak ik met Yuri dat een teamsport misschien wel goed voor haar was. Maar na dit gelezen te hebben, zal ik dat niet meer voorstellen 😉

    • Ik heb dat ook hoor, dat ik vaak juist prikkels en extravert gezelschap nodig heb. Ik kan dus mijn lol op met mijn extraverte kind, en zij leert van mij juist om gas terug te nemen.

      Ik heb ook behoefte aan sociale dingen en hang echt niet altijd de loner of muurbloem uit. Zo zwart- wit is het naar mijn idee ook niet.

      En als je dochter wel op teamsport wil, maar niet durft, kan je het er altijd met haar over hebben. Ik wilde gewoon pertinent niet namelijk. 😉

Comments are closed.