Uit het archief #5: Voor altijd 23

Voor altijd 23

Midden in de nacht gaat de telefoon. Slaapdronken neem ik op. ‘Hoi!’ zeg jij vrolijk aan de andere kant van de lijn. Ik zit rechtop in bed. ‘Laat me met rust.’ zeg ik. ‘Jij kan me helemaal niet bellen.’ Ik druk het gesprek weg en draai me om.

Dit kan niet waar zijn

 

Ik lig net lekker te dromen als ik de deurbel hoor gaan. Boos trek ik de dekens over mijn hoofd. Het bellen houdt niet op. Bang dat het hele appartementencomplex wakker wordt, sta ik op om midden in de nacht de deur open te doen.

Breed lachend sta je voor de deur. Je spreidt je armen wijd voor me uit, klaar om me een knuffel te geven. Maar ik sta als vastgevroren aan de grond. ‘Dit kan niet. Jij bent dood,’ stamel ik, en wil de deur dichtgooien. Binnen 2 tellen sta je binnen en drukt me tegen je aan. ‘Ik ben niet dood, raar mens!’ hoor ik je zeggen, en dan hoor ik het luid en duidelijk, zo met mijn oor tegen je borstkas: Je hart. Het klopt luid en duidelijk. De tranen stromen over mijn wangen.

‘Later als we oud en versleten zijn’ 

 

Opnieuw klinkt er een indringend geluid. Het is mijn wekker. Ik word wakker en realiseer me dat ik alles heb gedroomd. En ook dat ik huil: mijn hele kussen is nat van de tranen. Komt dan na al die jaren opeens het besef?

Ik zie je voor me, druk vertellend en gebarend in een bar in de stad. Aan het playbacken en dansen in een discotheek. Slap van het lachen op het schoolplein. Never a dull moment met jou. Hoofdschuddend denk ik terug aan alle maffe situaties waar ik samen met jou in beland ben, al dan niet onder invloed van een drankje of twee. Het was een mooie tijd. ‘Later als we oud en versleten zijn’ leek nog zo ver weg, maar wij zouden zeker weten samen in het bejaardentehuis zitten.

Jij blijft voor altijd 23

 

Maar jij wordt nooit meer oud. Jij blijft voor altijd 23. Juist jij, die het leven nooit zo serieus nam terwijl toch alles je kwam aanwaaien, blijft stilstaan in de tijd. Mensen zwermden om je heen als bijen om hun koningin. Er was altijd levendigheid waar jij was, maar opeens lag je daar stil in een kist. Was al het leven weg. En gingen wij verder, en jij niet. Het was over, het einde van een tijdperk. Opeens komt het besef: jij zal nooit mijn getuige zijn bij mijn huwelijk. Je zal nooit op kraamvisite komen. Jij zal nooit meer die gekke, lieve man zijn die stiekem niet op durfde te groeien.

Later droom ik nog een keer van je. We staan op een vliegveld en jij draagt een rugzak. ‘Ik ga,’ zeg je, en je ogen stralen als vanouds. ‘Ik ga op avontuur. Zou jij ook af en toe moeten doen!’  We zwaaien tot we elkaar niet meer kunnen zien, en ik weet dat het goed is zo.

In de periode 2007/2008 verscheen dit artikel op mijn toenmalige blog. Omdat ik het jammer zou vinden als die artikelen van toen verloren zouden gaan, plaats ik enkele van deze artikelen op Dochterlief.nl. Je kan deze artikelen vinden onder de categorie ‘Dochterlief schrijft.’

Filed under Dochterlief schrijft
Author

Romy (1980) droomde als kind al dat ze schrijfster zou worden, dus is nu eindelijk Haar Boek aan het schrijven. Ze is verder gek op series kijken, boeken lezen, hard meezingen met de radio (wel als ze alleen is) en lekker eten.

4 Comments

  1. Weer een mooie!
    Je schreef destijds andere blogs maar ik geniet er elke keer van.

    Sterkte met het verlies trouwens, al is het lang geleden. Sommige momenten zullen vast nog moeilijk zijn.

Comments are closed.